Charles & Ray Eames
Wie zich verdiept in de ontmoeting, samenwerking en romance tussen Charles en Ray Eames zal in veel gevallen een jaloerse zucht slaken. Waar hun samenzijn de vereniging van twee gelijke zielen lijkt, vormt deze samensmelting voor velen een bron van inspiratie. Niet alleen laten ontwerpers en architecten zich inspireren voor de visie die leidde tot de vereniging van nieuwe materialen en bewerkingstechnieken met eigenzinnig design, vooral ook genieten de bezitters van Eames producten van dit design.
Een prachtig voorbeeld is de relaxstoel uit de Aluminum Group; het wonderbaarlijke contrast tussen de industriële en degelijke elementen en het sierlijke geheel dat ze samen vormen, en daarnaast nog lekker zit ook.
Op deze site wordt de nadruk gelegd op de visie van het echtpaar Eames, hoe deze ontstond, en waar deze toe leidde. Hoewel, en juist omdat, het echtpaar zo veelzijdig was, en zich niet heeft beperkt tot het ontwerpen van een ding, maar juist altijd het experiment opzocht, is hier geen plek om al hun werkt te belichten. Aan de hand van vier bekende stoelen-reeksen laten we zien hoe vooruitstrevend zij geweest zijn.
2: Samenwerking
2.1 Cranbrook
The Cranbrook Academy of Arts opende haar deuren in 1932 onder leiding van Eliel Saarinen, toen in Amerika net de overgang van Arts and Crafts naar Good Design plaatsvond. Onder de druk van de depressie werd het steeds duidelijker dat producten verkoopbaar, en dus goedkoop produceerbaar moesten zijn.
Toen Charles Eames in 1939 een scholarship van Cranbrook aannam, was hij van plan om vooral veel te lezen, en te denken over zijn werk van de afgelopen jaren. Hij was veel meer gevormd door de Arts & Crafts gedachte, en het was Eero Saarinen die hem zou inspireren tot meer modernistische gedachten.
Na zijn eerste project was Eliel Saarinen zo onder de indruk van Charles, dat hij hem Instructor of Design maakte. Eenmaal in dienst van het Cranbrook, ontmoette Charles ook Eero Saarinen, de prodigie van Eliel. De twee zouden vrienden voor het leven blijven, en elkaar inspireren om het uiterste uit zichzelf te halen. Samen experimenteerden ze met het buigen van en vormen van multiplex, en werkten ze aan meubelen voor een ontwerpwedstrijd van het MoMA, waar ze twee prijzen mee wonnen.
Aan het Cranbrook werden ze geïnspireerd door grote namen uit de design geschiedenis. Studenten leerden alle vormen van kunst waarderen, en open te staan voor de ideeën van verschillende stromingen. Door datgene te nemen wat je bruikbaar vindt, en door dogma's te verwerpen, werden studenten gestimuleerd om te experimenteren en eigen ideeën te ontwikkelen.
In het jaar dat Charles hoofd Indusrial Design van Cranbrook werd, schreef Ray zich in als student Textiele Vormgeving. De twee werden verliefd, en na Charles' scheiding trouwden ze, om zich in 1941 te vestigen in Los Angeles.
2.2 901 Office
Charles de techneut en zakenman, Ray de kunstenares: het bleek een goed team. Het buigen van multiplex leidde tijdens de oorlog al tot commercieel succes. De methode werd gebruikt om beenspalken en brancards te maken voor het leger. De stevigheid en buigbaarheid van dit goedkope materiaal bleek ook na de oorlog nog bruikbaar.
Als eerste slaagden de Eameses erin om in het multiplex dubbelzijdige krommingen aan te brengen, een techniek die werd toegepast bij de vervaardiging van de Plywood Furniture Group. Hiermee werd een ideaal van het echtpaar Eames verwezenlijkt: goed design bereikbaar maken voor iedereen.
Het kantoor aan de 901 Washington Boulevard groeide uit tot het centrum van de creatieve processen van Charles en Ray, en was eerder hun thuis dan hun echte huis. Ze werkten er zeven dagen per week van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, en vroegen van hun werknemers dezelfde inzet als zij zelf toonden. Door het succes van de spalken ontstond er ruimte om verder te experimenteren met multiplex, maar ook om zich bezig te houden met andere passies als film en fotografie.
Door de jaren heen laat hun werk zich kenmerken door innovativiteit en vooruitstrevend design. Gedreven door nieuwe technologie, de stromingen van het moment, oog voor detail en een eigenzinnige visie op de wereld om hen heen, leverde de Eameses werk af dat enerzijds paste in hun tijdbeeld, en anderzijds juist een persoonlijk stempel droeg die inging tegen de consumptie maatschappij.
Het naoorlogse modernisme van Calafornië waar de Eameses zo in floreerde werd op den duur het ideaalbeeld voor Amerika. Als voorbeeld van het zonnige en overvloedige leven, maakte het modernisme een ongekende vlucht door. De Eameses waren ten dele aanhangers van dit modernisme. Ze wilden de mogelijkheden die de nieuwe massaproductie bood, aanwenden om mooie producten ook betaalbaar te laten zijn voor de gewone man. Waar het modernisme en economische bloei echter uitmondde in een op consumptie gerichte maatschappij, vormden de Eameses een contrast door hun manier van leven. Niets in hun huis werd vanwege nieuwe mode verschijnselen vervangen; ze reden 18 jaar lang in dezelfde zwarte Ford, en ook hun kleding werd geselecteerd op eenvoudige schoonheid en duurzaamheid. Sinds hun tijd aan Cranbrook waren Charles en Ray niet van kledingstijl veranderd, en nors als ze waren van conventies lieten ze zich ook niets anders opdringen. Als Charles een uitnodiging ontving waarop het kledingvoorschrift 'black tie' luidde, bestond de enige verandering aan zijn outfit eruit dat hij letterlijk een zwarte das omgestrikt had.
2.3 The Eames House
Sinds hun komst naar Los Angeles droomden de Eameses ervan een eigen huis te bouwen, dat geheel volgens eigen idealen ingericht kon worden en weinig onderhoud van de bewoners zou vergen.
In eerste instantie was het plan om een 'Spanish Style Town House' te bouwen, een stijl die op dat moment in trek was in het voormalig Spaanse Calafornië, maar door de verandering van locatie werd ook besloten om voor een andere stijl te kiezen. Dus ontwierpen Charles Eames en Eero Saarinen in eerste instantie een huis volgens de Internationale Stijl. Bij de uitvoering echter werden door de grote invloed van Ray de modernistische ideeën bijgeschaafd tot een leefbaar geheel.
Het huis moest multifunctioneel zijn: ze moesten er comfortabel kunnen leven en tegelijkertijd ook kunnen werken. Zelf omschreven ze de functie van het huis als volgt:
'Work and recreation are involved in general activities: Day and night, work and play, concentration, relaxation with friend and foe, all intermingled personally and professionally with mutual interest. Basically apartment dwellers, there is a conscious effort made to be free of complications relating to maintenance. The house must take no insistent demands for itself, but rather aid as background for life in work.
Hoewel het Eames Office, een paar kilometer verderop, in veel opzichten hun eerste huis was - hier werkten ze zeven dagen per week en ontvingen er klanten, familie en vrienden - werd het huis toch de plek die ze zich gewenst hadden. Niet in de laatste plaats vanwege de ligging op een flink stuk land met uitzicht over de oceaan, dat ze deelden met en dankten aan een klant van Charles en Eero, John Entenza. Het huis van Entenza werd gebouwd op een steenworp afstand van het Eames House, en werd ook ontworpen door Charles en Eero.
De modernistische lijnen en materialen werden in de loop der tijd verzacht door de inrichting, grotendeels naar inzicht van Ray. Beide waren verwoede verzamelaars, en het huis werd voller en voller. Zo vol zelfs dat de schilderijen op een gegeven moment verticaal aan de muur werden gehangen. Dat ze het er naar hun zin hadden blijkt wel uit het feit dat beide er sinds 1949 zijn blijven wonen tot hun dood.
Vandaag de dag verkeert het huis nog steeds in goede staat, en wordt het bewoond door de dochter van Charles. Het is een trekpleister voor architectuur liefhebbers, en wordt door velen beschouwd als het hoogtepunt op gebied van naoorlogse woonhuizen.
Hoewel de door de Eameses ontworpen stoelen slechts een klein deel van hun totale werk vormen, was het wel het gedeelte van hun werk dat ze in staat stelde verder te experimenteren met andere vormen van kunst, en hebben hun stoelen ze bekend gemaakt bij het grote publiek.
Hieronder worden vier stoelen(groepen) gehandeld, elk uniek vanwegen de gebruikte fabricagemethode of materiaal, en uniek op het gebied van design.
3.1 Plywood Chair
Zoals gezegd begon het experiment van Charles Eames met het buigen van multiplex op Cranbrook, samen met Eero Saarinen. Het vervaardigen van multiplex meubelen was op zichzelf niets nieuws; al in de vijftiger jaren van de eeuw daarvoor werden multiplex meubelen met succes verkocht, en het patent op gebogen multiplex stoelen dateert uit eind 1860. Het gebruik van multiplex in de meubelindustrie was echter afgenomen, hoewel de eerste wereldoorlog nieuwe technieken voor de fabricage mogelijk had gemaakt. De avant-garde ontwerpers van de jaren 20 zagen multiplex als goedkoop materiaal om meubelen voor de massa betaalbaar te kunnen maken. Het was Alvar Aalto die succes had met zijn meubelen van gebogen multiplex, en die een inspiratiebron zou vormen voor Charles Eames.
In samenwerking met Eero Saarinen deed Charles in 1940 mee aan een prijsvraag die uitgeschreven was door het MoMA. Hun multiplex stoel, die in massa gefabriceerd kon worden, werd het winnende ontwerp. Het was vooral Charles die geïnteresseerd was in de technische mogelijkheden, en die gedreven was om dubbelgekromde oppervlakken te kunnen fabriceren in massa.
Het uitbreken van de tweede wereldoorlog bood de mogelijkheid om verder te experimenteren. In opdracht van de marine werden er grote hoeveelheden beenspalken vervaardigd, waardoor Charles en Ray de mogelijkheid kregen om thuis verder te werken aan technieken om dubbele krommingen aan te kunnen brengen in het multiplex. De banden met het leger bleken hierbij van nut: het echtpaar had makkelijk toegang tot informatie en connecties op het gebied van nieuwe lijmsoorten en vervaardigings technieken. Aan het eind van de oorlog waren de technieken dusdanig verfijnd dat Charles de gewenste vormen kon produceren.
Nadat het MoMA in 1946 een gehele expositie aan het werk op gebied van meubels door het Eames office had gewijd, was het de samenwerking met The Herman Miller Furniture Company die de stoelen onder de aandacht van 'het grote publiek' brachten. Van de DCM Lounge en Dining Chairs werden er in 1951 tot 2000 per maand verkocht!
3.2 Fiberglass Chair
Na het succes van de multiplex meubelen wilde Charles zich gaan richten op andere materialen en vervaardigingsmethoden. Wederom werd in het kader van een prijsvraag van het MoMA gewerkt aan nieuwe technieken. Voor de 'International Competition for Low-Cost Furniture Design' werden door de Eames Office onder andere een chaise longue en een uit gestempeld metaal bestaande stoel ontworpen. Het grote succes werd echter de plastic armchair, welke in 1950 door Herman Miller in productie werd genomen.
Hoewel Charles zijn hoop in eerste instantie op het gestempelde metaal had gevestigd, was met de plastic armchair toch een wens in vervulling gegaan: een nieuw materiaal, in de massa vervaardigd en goedkoop. Het door de Amerikaanse luchtmacht ontworpen polyester met glasvezel, werd in die tijd gezien als wondermateriaal waar alles mee mogelijk was. Het bood de Eameses in ieder geval nog meer vormvrijheid, maar daarmee veranderde het design niet veel ten opzichte van de multiplex stoelen.
Voor de Herman Miller Furniture Company is de investering in het ontwerp een van de meest renderende gebleken in de geschiedenis van Amerikaans meubelontwerp. De stoel werd in eerste instantie alleen geleverd in sobere kleuren als grijs en beige. De velle, vrolijke kleuren waarmee de stoel onder latere generaties bekend is geworden, werden pas in de jaren 60 aan de lijn toegevoegd.
3.3 Lounge Chair
De Lounge Chair is wellicht qua techniek en design niet het meest vooruitstrevende ontwerp van de Eames Office geweest, maar groeide wel uit tot statussymbool, en werd zo een icoon voor de Eames Office.
Het ontwerp stoelt grotendeels op de eerste ontwerpen van Charles en Eero, voor de MoMA prijsvraag uit 1940. Het doel was een comfortabele lounge-stoel te ontwerpen, bereikbaar voor een groter publiek. Dit laatste is niet gelukt; de productiekosten voor de stoel vielen hoger uit, onder andere door de bekleding met leer, en door hogere montagekosten. Bij de introductie in 1956 koste de stoel $404, vandaag gaat hij voor meer dat $3500 over de toonbank.
Hoewel de stoel een van de bestsellers werd voor Herman Miller - in 1975 al $100 miljoen aan omzet - wordt de stoel door velen als een misser gezien. In 1977 zei Charles hierover 'it has a sort of ugliness to it', maar hij voegde daaraan toe 'although it has apperently given a lot of pleasure to people'.
3.4 Aluminium Group Chair
De eerste poging om metaal te gebruiken was dan wel niet geheel geslaagd, in tweede instantie wel de vorm van de polyester stoelen met succes overgebracht op staaldraad. Zo ontstonden in 1951 de Wire Mesh Chairs, welke door Herman Miller verkocht werden.
Zeven jaar later werd een compleet nieuw ontwerp gerealiseerd: de Aluminum Group. Bekende ontwerpers als Marcel Breuer hadden al eerder met aluminium gewerkt, maar lange tijd werd het materiaal als te duur en te onbewerkbaar beschouwd. Door een toename van de productie van aluminium met 600% tijdens de oorlog, ontstond er enorme overcapaciteit na 1945. De aluminium industrie deed flink haar best om het materiaal te promoten, en zocht naar nieuwe toepassingen.
Charles Eames koos in eerste instantie voor aluminium vanwege de corrosie bestendigheid; het idee voor de stoel kwam voort uit het gebrek aan hoge kwaliteit buiten-meubelen. In de eerste lounge versies werd dan ook geëxperimenteerd met een polyester bekleding, maar al snel bleek de stoel te duur te gaan worden om buiten te laten staan.
De stoel werd een van de meest complexe stoelen van Eames om te fabriceren. Het buigen van de complexe vormen viel niet mee, en het was vooral Ray die eindeloos door kon gaan om de perfecte vorm te bereiken. De mooie glans van de aluminium onderdelen werd verkregen door zandstralen, en de stoel vereiste verder ook nogal wat afwerking met de hand. De mooie ribben in de stof, die de stoel mede zijn karakteristieke uiterlijk geven, worden verkregen door het ultrasoon lassen van twee lagen stof, met daartussen een schuimribbe.
De aluminium groep bestaat uit een lage en hoge lounge stoel, eetstoel, voetenbank (ottoman), en eet- en koffietafels met een glazen of marmeren blad. De keuze voor marmer is een opmerkelijk luxueus detail voor Charles' doen, maar werd gerechtvaardigd door de doelstelling om de tafel ook buiten te kunnen gebruiken. De stoelen zijn verkrijgbaar met of zonder armleuning, en de hoge lounge chair is voorzien van een schommelmechanisme. Dit laatste veroorzaakt nog wel eens een schrikeffect bij nieuwe gebruikers van de stoel, die het gevoel hebben achterover te kieperen.
4: Multimedia Projecten
De verschillende stoelen werden allemaal ontworpen voor opdrachtgevers als Herman Miller, en waren een belangrijke bron van inkomsten voor de Eameses. In eigen beheer werd echter een heel scala aan uiteenlopende projecten ondernomen, waarvan film en multimedia een goed voorbeeld zijn.
Charles en Ray waren al lang geïnteresseerd in film en fotografie; Charles al sinds zijn jeugd, en Ray sinds haar studietijd. Tijdens en na de oorlog was film een immens populair medium geworden onder de Amerikanen, en door de dalende prijzen werd het voor steeds meer mensen mogelijk om foto- en filmapparatuur aan te schaffen.
Fotografie en film boden voor de Eameses een mogelijkheid om de wereld om hen heen in groot detail vast te leggen. Hun films waren niet gemaakt voor het grote publiek, maar het streelde hen dat enkele van hun films door duizenden mensen gezien werden. Hun films waren veelal een manier voor esthetische expressie, en critici omschreven ze als poëtisch.
De Eameses werkten met twee doelstellingen aan films. De eerste was het experimenteren en visualiseren van ideeën, de tweede doelstelling was het vastleggen van objecten.
De eerste objectfilm ging over speelgoed, waardoor het mogelijk werd met een kleine schaal te werken. Charles was gek op speelgoed, wat ook wel te zien is aan persoonlijke ontwerpen, zoals de hobbel-olifant van multiplex.
Naast film maakten de Eameses ook veel multimediapresentaties, al dan niet in opdracht. Een van de bekendste voorbeelden hiervan is het multiscreen werk 'Think', dat gemaakt werd voor IBM in 1964. In dit project werden 22 schermen gebruikt om de relatie te laten zien tussen de data-verwerkende industrie en het dagelijks leven. Hoewel de presentaties de tand des tijd minder goed hebben doorstaan als hun tijdloos design, zijn ze wel een voorbeeld van de vooruitstrevendheid waarmee de Eameses in hun tijd te werk gingen.
Concluderend kan gezegd worden dat het multimedia werk van de Eameses een belangrijke rol heeft gespeeld in hun leven als ontwerpers. Niet alleen waren de projecten een middel om ideeën en concepten over te brengen op een groter publiek, ook waren ze een middel om zelf beter te leren kijken, en om ideeën en theorieëen te vormen en aan te scherpen. Het waren deze ideeën en theorieëen die hun meer bekende werk hebben gevormd, en hebben doen onderscheiden van al het andere.
Bronnen:
- Abrams:
The work of Charles and Ray Eames; a legacy of invention
1997
- Dormer:
Design since 1945
1993
- Hesket:
Industriële Vormgeving
1980
- Kirkham:
Charles and Ray Eames, Designers of the 20th century
1995
- Neuhart, Neuhart, Eames:
Eames Design; The work of the office of Charles and Ray Eames
1973
Internet:
Eames office
Great Buildings Online
Online Preview
Vitra Design Museum
Links
My Modern 20th Century modern design and art
Intuitive New Media Design